Deprecated: mysql_connect(): The mysql extension is deprecated and will be removed in the future: use mysqli or PDO instead in /home/thereceptor.nl/public_html/lib/database2.inc.php on line 3

Warning: Cannot modify header information - headers already sent by (output started at /home/thereceptor.nl/public_html/lib/database2.inc.php:3) in /home/thereceptor.nl/public_html/templates/item.php on line 21

Muzikale Grillmeister

Share on facebook Share on twitter
a A
Muzikale Grillmeister
— Paul KempersThursday August 15 2013

Danny Obermayer schreef Waldesrauschen I, compositie voor openluchtbarbecue 

Na het vertrek van het 32nd Tactical Fighter Squadron hield jachtvlieger Danny Obermayer zich lang schuil in het groen van Soesterberg. Het ‘levende monument van de Koude Oorlog’ organiseert nu de jaarlijkse Barbecue Be-In en houdt de herinnering aan de vergeten Tiroler boscomponist Armin von Hinterstoisser levend.


Sinds 2008 is de voormalige wing commander van de Wolfhounds opgenomen in de Ecologische Hoofdstructuur en werkzaam als boswachter. Tot zijn genoegen: Obermayer schreef zijn memoires, trouwde met collega-boswachter Amber en leidt nu dagelijks belangstellenden rond over de heidegrond van de voormalige vliegbasis. Daarnaast heeft hij de afgelopen jaren een geduchte reputatie opgebouwd als ‘Grillmeister extraordinaire’. 

 

Iedere eerste week van september organiseert boswachter Obermayer de Soesterberg Barbecue Be-In, waarvoor hij de ingrediënten eigenhandig verzamelt. De temperaturen zijn dan aangenaam, het licht niet meer zo fel en het wild op gewicht. Als natuurkenner weet Obermayer precies welke wilde-slasoorten, bloemen, kruiden, mossen en insecten zich lenen voor een ecologisch verantwoorde barbecue. Ook stelt zijn survival-ervaring hem in staat om met blote handen een volwassen hert te doden of een wild zwijn in een valstrik te laten lopen. Wie Danny bare hands bezig heeft gezien, weet: dit is een professional. Bliksemsnel slaat hij toe, zodat de prooi binnen no time is uitgeteld.


Obermayers benadering past in de ecologie van het voormalige Koude-Oorloggebied, waar mens, gebouwde omgeving en techniek in het teken stonden van de weerbaarheid. Het vijandbeeld werd gekoesterd, 24 uur per etmaal stonden de Wolfhounds op scherp. Obermayer wil de bezoekers van de Barbecue Be-In bewust maken van die staat van alertheid; alleen wie z’n zintuigen scherpt en z’n verstand gebruikt, is in staat de vruchten van de natuur te plukken. Daarom trekt hij met Be-In-deelnemers soms dagenlang in camouflageoutfit over de gronden van het voormalig ‘erfgoed van de angst’. 

 

Hotdogcliché

‘Eigen vangst smaakt beter’ is een van Obermayers favoriete gezegden als hij een prachtig uitgesneden hertenlende op de – uiteraard zelfgelaste – grill boven het houtskoolvuur legt. Ook horen deelnemers de oud-vlieger veelvuldig mompelen dat ‘er niets boven zelfgestookte single malt whisky gaat, mits men het graan zelf heeft verbouwd en de rijpingsvaten zelf gekuipt’. Dit is meestal tegen de tijd dat de bezoekers de ex-Wolfhound met ‘Danny’ mogen aanspreken en iedereen ligt uit te buiken op het gras (‘Danny’s wildzwijnburgers zijn een feest maar ook een aanslag op de bijnieren’, herinnert een barbecueliefhebber zich), met in de oren de aansporing van de Grillmeister om culinair verder te reiken dan het ‘hotdogcliché’ dat het Amerikaanse leger aankleeft. Obermayer: ‘Wie kent ze niet, de jaarlijkse wedstrijden om de langste hotdog? Of de dikste hamburger of T-bonesteak? Ook dat is een uitdaging, maar als monument van de Koude Oorlog ben ik met andere dingen bezig. Diepere dingen. Meer ’t spirituele bak- & braadwerk met een recreatief verantwoord randje, so to speak.’ 


Terwijl de Be-In-bezoekers de ingrediëntenlijst doornemen van ‘Obermayers pastorale-sauservaring’ (dille, handgeteelde tomaat, daslookkruid en in atoombunker gekweekte limoenen zijn een paar van de bestanddelen), neemt de boswachter zijn aantekeningen door voor de uitvoering van een muziekstuk. Het zal worden vertolkt door de leden van Danny’s Holzhäcker Orchestra. 

 

Fanatieke trompettist

Op muziek is de oud-jachtvlieger altijd gek geweest; tijdens de feesten op de basis stond hij vooraan bij de optredens van grootheden als Chuck Berry, Barry White en Marvin Gaye. Van Pat Benatar bezit hij zelfs nog een gesigneerde stilettopump, die jarenlang te bewonderen viel in de vitrinekast van de officiersmess. Ook was hij tijdens zijn dienstjaren niet weg te slaan bij de speciale uitzendingen van de Airforce Radio Network en blies hij op de trompet in de militaire kapel. 


In z’n vrije tijd trok Obermayer langs de jazzclubs van Amsterdam, Rotterdam en Parijs. ‘Een Miles Davis of Chet Baker ben ik nooit geworden’, herinnert de fanatieke muziekliefhebber zich, ‘maar ik sta wel geboekstaafd als de uitvinder van de “brulkikker-embouchure”. Dat is een techniek waarmee je een buitengewoon krachtig grommend geluid kunt produceren door héél hard op je mondstuk te zuigen, de zogeheten inversietechniek. Melody Maker heeft me er een keer over geïnterviewd. Ze zeiden dat ik het geluid van de jazztrompet radicaal had veranderd. Hans Dulfer vertelde me dat ik klonk als een “bronstige brulkikker op crack”, wat ik een compliment vond. Er zijn maar weinig spelers deze inversietechniek meester geworden: ’t komt erop aan de lucht héél hard door de trompet naar binnen te zuigen en de ventielen tegelijkertijd razendsnel in te drukken – daar heb je flinke longen voor nodig. Eén compositie heb ik op m’n naam staan: Sjisj Kebab (To Bab or Not to Bab): ik heb ’m opgedragen aan de eigenaar van shoarmazaak Ramses in Soesterberg. Great place!’

 

Veelzijdig man

In de eenzame jaren die Obermayer doorbracht op de Soesterberger Heide luisterde hij naar dennenappels die met een plof op de grond vielen, het gekraai van eksters, overvliegende buizerds en het suizen van het bloed in zijn aderen. ‘De natuur is haar eigen orkest’, leerde de Koude-Oorlogsoldaat, die zich na zijn pacificatie in 2008 tot een veelzijdig man heeft ontwikkeld. Niet langer is hij de Rambo-achtige verschijning die de inlichtingenofficieren van Camp New Amsterdam angst aanjaagt of nietsvermoedende wandelaars at gunpoint ondervraagt over hun politieke voorkeuren. Obermayer geldt nu als de uomo universalis van Soesterberg, de man die het barbecuen heeft weten te verbinden met de uitvoering van hedendaagse boswachterssymfonieën. Op geheel eigen wijze. ‘Heláás op geheel eigen wijze’, menen de meer behoudende bezoekers van de Barbecue Be-In, die hoofdschuddend toezien hoe Danny’s Holzhäcker Orchestra ieder jaar experimentele grenzen verlegt.

 

Veertig bijlen

Van grote betekenis voor Obermayers muzikale activiteit is de Oostenrijkse houthakker-componist Armin von Hinterstoisser (1875–1965). Jaarlijks bewijst Danny’s Holzhäcker Orchestra eer aan het gedachtegoed van deze vergeten muzikale grootheid. De houthakker uit Vorarlberg geldt als onbekende voorloper van John Cage, de anarchistische West Coast-componist die leerde dat alle muzikale grondstof aanwezig is in de état brut van de natuur.


In de bossen begon Hinterstoisser te luisteren naar de stiltes tussen de bijlinslagen en het geroffel van de boomspecht – spontane composities waar volgens de Tiroler kluizenaar ‘geen partituur aan te pas komt’ en die ‘doortrokken zijn van een betoverende metafysische rust’. 


Obermayer – ‘as you can tell by the name, mijn overgrootouders waren born free Tirolers!’ – maakte kennis met Hinterstoissers ideeënleer via de genealogische site www.tirolerahnen.com. Hij was diep onder de indruk van Hinterstoissers inzichten, die hem deden denken aan zijn ervaringen op de Soesterberger Heide. Ogenblikkelijk zette hij zich aan de compositie van Waldesrauschen I, een vertaling van zijn jaren in het groen, geschreven voor ‘een barbecue, een F-15 Eagle, veertig bijlen en evenveel hakblokken, de wind, een Ierse wolfshond, dennenappels en wat ongeoefende stemmen’. 

 

Wachten op de dennenappel

Terwijl Danny’s Holzhäcker Orchestra zich in slagorde opstelt, kneden oud-leden van de Wolfhounds van wildzwijngehakt driehonderd hamburgers. 


Operatie Waldesrauschen kan beginnen. 


Timing is alles als het erom gaat betoverende metafysische rust op te roepen, weet Obermayer terwijl hij de tweehonderd leden van het orkest geruststellend toeknikt. 


Hij tikt af met een berkentwijg. 


Honderd wildzwijnburgers belanden ritmisch gefaseerd op de grill. Veertig bijlen klieven blokken berkenhout. Vet druipt in houtskoolvuur, hout klapt op hakblok. Obermayer slaat de vierkwartsmaat. Hamburgers sissen, het wachten is op het vallen van de dennenappel. Vijfentwintig minuten later – wind waait lyrisch door boomtoppen – komt de plof. Ierse wolfshond Sean zet ’t op een huilen, het koor zingt een twaalftoonsinterpretatie van de vliegerballade You Can Tell a Fighter Pilot (‘By the ring around his eyeball, you can tell a Bombardier/ You can tell a bomber pilot, by the spread across his rear/ You can tell a Navigator, by his sextants, maps and such/ You can tell a Fighter pilot, but you can’t tell him much’), terwijl een volgende ronde hamburgers zich bruïtistisch een weg sist door de partituur van Waldesrauschen I. 


Daarna is ’t wachten op het aanloeien van de F-15 Eagle. 

 

Close page